2017, Vrijdag de 10e Februari. Het daglicht heeft het donker al verdreven, de storm schijnt even uit te rusten en de regendruppels zijn de helft kleiner dan afgelopen nacht. Iedere opmerking over de, door het noodweer, verloren bloesem van de Laburnum anagyroides, een boom die in de volksmond Goudenregen wordt genoemd, gaat verloren in de vertaling naar het Engels en dat weerhield de zaagselmaker gisteren, na de Tai Chi lessen die hij, wekelijks op donderdagmiddag, in het gezelschap van enkel migrantenvrouwen volgt, van commentaar in de discussie over de beperkte tijd van schoonheid en de rotzooi die de gele strengen bloemetjes achterlaten. Terwijl de “westerse” wereld in rap tempo afstevent op een Trumpiaans, Hitleresk en Wilderiaans tijdperk, binnenlandse veiligheidsdiensten worden geherstructureerd na voorbeeld van de voormalige Stasi of Pide en de privacy, gelijk vissen in een oceaan, wordt met grote bodemschrapende, sleepnetten bijeen geveegd. Op de eenzame heuvel groeit de behoefte aan de lente want de voorraad brandhout neemt ernstig minimalistische vormen aan. Het weekend staat, samen met de tiendaagse weersvoorspelling, voor de deur en heeft geenszins de intentie om ook maar een beetje aan de wens naar warmte en licht te voldoen. Zoals een Scandinavische wandelaarster ontdekte dat Iran een land vol gastvrije en vriendelijke mensen is, Noord-Nederlandse aardbevingsslachtoffers ondervinden wat verkiezingsretoriek eigenlijk inhoud en Amerikaanse Republikeinse senators de nadelen van een uitverkochte zaal vol kritische burgers inzien, laat een Goudenregen op natuurlijke wijze de situatie voor en na de overeenkomst met de boomkweker zien. De beloofde bloemenpracht is van korte duur en de periode van opruimen lang, zwaar en intensief. De klantenkring van de bomenkweker breidt zich steeds verder uit, steeds meer kopers vergapen zich aan de hemelse bloesem en ondanks dat het zuur na het zoet een tijdrovende inbreuk op de tijd heeft, zijn er maar weinigen die radicaal naar de kettingzaag durven te grijpen. Hoe mooi die tijdelijke beloftes ook zijn, doe mij dan toch maar brandhout.....
De ene politieke partij wil de AOW leeftijd verlagen, de ander zelfs verhogen. Het mag duidelijk zijn dat de lichamelijke inspanningen, de zogenaamde sociale “klasse” waar toe men veroordeeld is, en het uiteindelijke budget voor een gezond leven, voor een bouwvakker, slachthuis medewerker of zelfs een ambulance hulpverlener, de weg naar een AOW op 65 jarige leeftijd al een moeilijke opgave is. Voor een politicus, podcast-journalist of “influencer” behorende tot de Millenials of zelfs Gen Z generatie lijkt een pensioengerechtigde leeftijd van 70 geen bijzondere opgave, tenzij je als kind bent opgegroeid onder de rook van TataSteel natuurlijk. Waarom zou de AOW leeftijd dus voor iedereen hetzelfde moeten zijn? De discussie over wat dan wel of niet als een “zwaar” beroep kan worden aangemerkt is door allerlei veronderstellingen ingewikkeld, en leid vooral door niet meetbare factoren tot haast ondefinieerbare categorieën. Er is echter een logische oplossing om tot een gewenste differentiat...

Reacties
Een reactie posten