De tweede dag van 2017. Het is koud en guur buiten, zeker bij het krieken van de dag, zelfs in Portugal, maar dat zal niet de enige reden zijn waarom de nieuwe studenten hun ouderlijk huis niet verlaten, studeren is voor de rijken en dat is voor alle zekerheid nog maar eens herbevestigd door de elite. Misschien geldt dat wel voor de ouderen in Griekenland, daar loop je tenslotte het risico om dood te gaan aan een simpel griepje vanwege het gebrek aan medische hulp. Terwijl in Nederland hulpverleners worden gemolesteerd, door boze witte mannetjes met kleurrijke sjaals, tijdens hun onderbetaalde pogingen om slachtoffers van de nacht te redden, twittert een minister, vanuit z’n blik versperrende grote oren stoel voor de open haard in z’n villa, de schuld van zich af. Het wegwuiven van de gevolgen schijnt, zelfs tijdens een hagelstorm, geen probleem te zijn voor politieke beleidsmakers. Omdat de digitale regengoot zo lek is als een condoom gemaakt van kaasdoek, maakt het zoveelste ontluisterende klokkenluiders dossier duidelijk dat Luxemburgse, Ierse en vooral Nederlandse multinational marionetten een sociaal verantwoordelijk belastingstelsel in Europa onder de paraplu vandaan proberen te houden. Het nieuwe jaar staat in het teken van verkiezingen. Kiezen tussen de regen, de drup of gewoon domweg verzuipen, schaapjes op het droge is geen optie. De ene Franse presidentskandidaat wenst zich een afscheiding van Europa om daarmee aartsrivaal Duitsland te verslaan, de tweede prikkeldraad en kampementen om de glorie tijden van weleer te doen herleven en de derde, niet verbonden aan een partij, probeert de omliggende economieën op de knieën te krijgen door het speelveld voor iedereen binnen de EU hetzelfde te maken. Verstandig misschien maar geheel tegen de tsunami van populistische sentimenten en vooral de belasting paradijselijke, veto hebbende, kapitaal kruisridders der lage landen in. Nee, gelukkig zal het niet worden, dit broos ontluikende nieuwe jaar, spannend wel. Misschien zijn de zorgen, over dat beetje voedsel op tafel, wat hout voor de kachel en wat geld voor de elektra rekening en benzine voor de ouwe vierwieler, wel genoeg. Genoeg om je niets aan te trekken van de regen en de storm, niet op te kijken vanonder je eigen paraplu als je er toch eens naar buiten moet.
De ene politieke partij wil de AOW leeftijd verlagen, de ander zelfs verhogen. Het mag duidelijk zijn dat de lichamelijke inspanningen, de zogenaamde sociale “klasse” waar toe men veroordeeld is, en het uiteindelijke budget voor een gezond leven, voor een bouwvakker, slachthuis medewerker of zelfs een ambulance hulpverlener, de weg naar een AOW op 65 jarige leeftijd al een moeilijke opgave is. Voor een politicus, podcast-journalist of “influencer” behorende tot de Millenials of zelfs Gen Z generatie lijkt een pensioengerechtigde leeftijd van 70 geen bijzondere opgave, tenzij je als kind bent opgegroeid onder de rook van TataSteel natuurlijk. Waarom zou de AOW leeftijd dus voor iedereen hetzelfde moeten zijn? De discussie over wat dan wel of niet als een “zwaar” beroep kan worden aangemerkt is door allerlei veronderstellingen ingewikkeld, en leid vooral door niet meetbare factoren tot haast ondefinieerbare categorieën. Er is echter een logische oplossing om tot een gewenste differentiat...

Reacties
Een reactie posten